Hoe ziet een m.e.r.-procedure eruit?

Op 12 november 2019 hebben Gedeputeerde Staten van de Provincie Gelderland besloten een milieueffectrapportage (m.e.r.) te doorlopen voor Railterminal Gelderland (RTG). De RTG zorgt namelijk voor een geringe stikstofneerslag op natuurgebieden in de omgeving. Door het vervallen van de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS) moet de provincie de effecten van deze stikstofneerslag beoordelen in een zogenaamde ‘passende beoordeling’. Een ‘passende beoordeling’ is het onderzoek dat de effecten van de stikstofneerslag in beeld brengt. Bij een passende beoordeling moet de provincie een m.e.r.-procedure doorlopen. Dit artikel legt uit wat dit voor het project RTG inhoudt.

Wat is een passende beoordeling?

Natura 2000 is een Europees netwerk van natuurgebieden. De overheid heeft voor deze natuurgebieden bepaald wat er moet gebeuren om ze in stand te houden. De RTG zorgt voor een geringe stikstofneerslag op die natuurgebieden. Provincie Gelderland kan niet uitsluiten dat dit gevolgen heeft voor de instandhouding van de gebieden en moet dit dan ook onderzoeken. Dit heet een ‘passende beoordeling’ maken. De passende beoordeling geeft antwoord op de vraag: welk effect heeft de aanleg van de RTG op de instandhouding van de Natura2000-gebieden?

Wat is een milieueffectrapportage?

Bij een passende beoordeling moet de provincie een m.e.r.-procedure doorlopen. Hiermee brengt de provincie de milieueffecten in beeld van de mogelijke alternatieven voor de Railterminal. Dit betekent dat voor de locatie van de terminal de noord-, midden- en zuid-variant ter hoogte van de Betuwelijn/CUP worden onderzocht. Ook voor de ontsluitingsweg worden meerdere mogelijkheden onderzocht. De provincie neemt hiervoor de milieueffectenstudie uit 2017 plus de hierin opgenomen alternatieven als basis.

De milieueffectenstudie uit 2017 is te vinden op de website van de provincie Gelderland (www.gelderland.nl/RTG-Milieueffectenstudie-Railterminal-Gelderland).

Er is een verschil tussen de m.e.r. en het MER:
•    de m.e.r. (milieueffectrapportage) is de procedure;
•    het MER (milieueffectrapport) is het eindresultaat.

Hoe verloopt de m.e.r.-procedure?

Voor de Railterminal Gelderland doorloopt de provincie de m.e.r.-procedure die vier fasen kent: de voorbereiding, het onderzoek, de uitwerking en het besluit.

Fase 1: de voorbereiding (eind 2019)
Tijdens de eerste fase legt de provincie de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) ter inzage. De NRD beschrijft het plan van aanpak voor het onderzoek naar de milieueffecten. Ook beschrijft de NRD de alternatieven die in het milieueffectrapport (MER) met elkaar worden vergeleken. De alternatieven uit de milieueffectenstudie uit 2017 zullen hierin opnieuw centraal staan.

Voorafgaand aan de vaststelling krijgen belanghebbenden de gelegenheid om gedurende zes weken hun mening te geven (officieel heet dit een zienswijze).

Fase 2: het milieuonderzoek en vergelijking alternatieven (voorjaar 2020)
Doel van het milieuonderzoek is om de positieve en negatieve effecten van de alternatieven op hoofdlijnen met elkaar te vergelijken. Daarbij wordt een breed scala aan effecten beschouwd, waaronder verkeer, natuur, geluid, lucht, natuur, landschap, archeologie, etc. Wanneer de milieueffecten van de alternatieven zijn onderzocht kunnen deze met elkaar worden vergeleken. De conclusies hiervan neemt de provincie op in het milieueffectrapport (het MER).

Vanuit de eerdere milieueffectenstudie en het ontwerp-inpassingsplan is al veel informatie en onderzoeksresultaten bekend. De provincie verwacht daarom niet dat er voor het milieueffectrapport nog aanvullende onderzoeken nodig zijn. Een uitzondering daarop vormt het onderdeel natuur, waarin de conclusies van de passende beoordeling worden opgenomen.

Fase 3: uitwerkingsfase (medio 2020)
Tegelijkertijd met het besluit over het ontwerp-inpassingsplan neemt Gedeputeerde Staten een besluit over het 'voorkeursalternatief'. Dit is de variant uit het milieueffectrapport die in de afweging van Gedeputeerde Staten het meest recht doet aan de belangen van het milieu, de belanghebbenden en de doelstellingen van het project.

Met de resultaten van de uitgevoerde milieueffectenstudie uit 2017 heeft Gedeputeerde Staten al eerder een brede afweging voor een voorkeursvariant gemaakt. Op basis daarvan is het ontwerp-inpassingsplan opgesteld dat Gedeputeerde Staten in het voorjaar van 2019 ter inzage heeft gelegd. De provincie verwacht dan ook dat de conclusies van het nieuwe milieueffectrapport grote gelijkenis vertonen met de milieueffectenstudie uit 2017.

De provincie legt medio 2020 het ontwerp-inpassingsplan zes weken ter inzage. Belanghebbenden krijgen dan opnieuw de gelegenheid om een reactie (zienswijze) in te dienen. De belanghebbenden die in het voorjaar van 2019 een zienswijze indienden op het ontwerp-inpassingsplan Railterminal Gelderland, moeten opnieuw een reactie indienen. Hun eerder ingediende reactie is niet meer geldig.

Fase 4: besluitvormingsfase (eind 2020)
Het ontwerp-inpassingsplan wordt samen met het milieueffectrapport, de reactie op de zienswijzen (reactienota) en de passende beoordeling ter inzage gelegd, waarna Provinciale Staten een definitief besluit nemen over het inpassingsplan. Hierop is beroep bij de Raad van State mogelijk. De onafhankelijke Commissie m.e.r. geeft een advies over het milieueffectrapport. Hiermee eindigt de m.e.r.-procedure.

In onderstaande afbeelding zijn de belangrijkste mijlpalen weergegeven.

Infographic procedures